NK-nestor Frits Luteijn (58): tekortkomingen slim compenseren

NK-nestor Frits Luteijn (58):

‘Tekortkomingen slim compenseren’

FRED IVENS

Frits Luteijn is weer terug in Den Haag, de stad waar hij in de jaren zeventig met het destijds zo roemruchte RDG drie keer de landstitel veroverde. “M’n partner Wim verveelde zich in Dordrecht en Den Haag is véél interessanter, vandaar.” Vanaf zijn penthouse op de achtste verdieping van een serviceflat kan hij met enige moeite net de zee zien. Dezer dagen concentreert hij zich echter meer op de computer. Als voorbereiding op het NK dammen in Heerhugowaard, waar Luteijn (58) vanaf vandaag (4/4) met stip als nestor van het veertienkoppige elite-gezelschap fungeert.


Frits Luteijn staat in de damwereld bekend als een groot theoreticus maar ook als de man van de boude bewoordingen, waarmee hij soms het bloed onder je nagels vandaan kan halen. Hij provoceert en overdrijft graag – volgens zijn partner is de ‘Frits-factor’ drie – maar het zou dom zijn om hem niet serieus te nemen. Legendarisch is zijn uitspraak ‘alle zeven-om-zeven-standen zijn remise behalve die in een acht-om-acht al remise hadden moeten worden gemaakt’ en niet alleen dit statement heeft tot heftige discussies op de digitale damfora geleid. Op het NK beschouwt Luteijn zich als een vreemde eend in de bijt. ”De jonge jongens hebben een intense minachting voor me en vinden het vreselijk als ze remise tegen me spelen. Ze veronderstellen dat ik niets zie en dat benadruk ik na afloop ook altijd expres. Laten ze me maar onderschatten.”

Het wordt de vijfde nationale finale van Luteijn, die inmiddels bij DC Den Haag in de interne competitie meespeelt. Hij was er op de NK’s van 1983 en 1984 al bij (‘Qua resultaat hield het niet over”) en maakte in 2009 en 2010 met scores van nul en +1 zeer verdienstelijk zijn rentree. “Ik werkte toen niet meer op vrijdag en zat daardoor tijdens de halve finales in het weekeinde uitgerust achter het bord. Op mijn leeftijd is vermoeidheid de grootste vijand. Ik ben twee keer zo oud als die jonge honden, die mij qua rekenen verre de baas zijn, ook al weet ik weer meer van het spel dan m’n meeste tegenstanders. Ik moet mijn tekortkomingen dus slim compenseren. Niet altijd ijzer met handen willen breken en vooral nooit in tijdnood komen. Dat is voor een oudere speler funest. Wel neem ik tegenwoordig om taktische redenen wat meer tijd voor de opening. Om niet te verraden dat het om een voorbereide variant gaat.”

Gantwarg

Zijn geheime wapen is echter clubgenoot Anatoli Gantwarg. Vooral de masterclasses van de Wit-Russische oud-wereldkampioen hebben tot een verdieping van zijn spelopvatting geleid. “Gantwarg is nu wat Ton Sijbrands in de jaren zeventig bij RDG voor mij was. Ontzettend belangrijk. Hij vult de gapende gaten in mijn spel op en leert me dynamische openingen begrijpen waarmee je alle kanten op kan”, vertelt Luteijn tevens negen keer Nederlands en één keer wereldkampioen correspondentiedammen.

Het leidde onlangs tijdens de halve finales in Amstelveen tot een indrukwekkende eerste plaats. “Het ging wel érg gemakkelijk. Een stelletje halve zolen stortten zich tegen mij in een avontuur zonder enige kennis van zaken. Tsja. Dat zal op het NK vast niet gebeuren. Daar ben ik ben weer de oudste en de zwakste deelnemer. Wel, ik hoop dat nog jaren te kunnen blijven.“

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.